Neuroticat Ach, die Mike ...

Dokter, ik heb een probleem.

Sterker nog; mijn kat heeft een probleem met het probleem wat het baasje heeft met zijn probleem. Snapt u ‘t nog, dokter?

‘t Zit namelijk zo; Mike, zo heet het probleem, is, zoals eerder geconstateerd, dement. Hij moet nu zo rond de zeventien jaar zijn en dan schijnt dat te mogen; dementie. Bij Mike uit zich dat nogal vervelend. 

U moet weten, dokter, hij had al een kwijlprobleem maar daar is men inmiddels aan gewend in Huize Eamel. Vervelend maar gedoogd.

Nee, dit is anders. Dit is nasty. Mike heeft een eet-manie. En dan de nadruk bij voorkeur op manie.

Ik begrijp ‘t niet, dokter; katten horen toch minder te eten als ze ouder worden? Da’s toch ook zo bij de mens?

Hoe dan ook; baasje wordt er lichtelijk gestoord van. En da’s een flinke understatement.

Kijk, dat 365-dagen-per-jaar-verhaarprobleem, oké, daar is nog mee te leven. Ook dat kwijlen.. soit. Het zij zo.

Maar dit? Dit is e-r-g.

Wat Eamel ook doet, dokter, lijkt voor Mike een aanleiding om te moeten opstaan en om/door Eamel‘s benen te lopen. Waar Eamel zich ook begeeft begeeft ook Mike zich. Sterker nog, als baasje Mike hoort snurken besluit ie brutaal even z’n muis te bewegen. Of adem te halen. Want ja, dat moet kunnen.

Helaas. Bij de eerste haal springt ‘t beest op en staat er weer. Te mekkeren. Te jammeren. Te kwijlen.  Nee, nee; er is meer.

Mike heeft a-l-l-e smaken van de Bas al gehad: Whiskas, Felix, Huismerkàlles. Maar hij mot ‘t niet. Niets is goed. Brokjes, droogvoer, van die dure shit, rauwe vis. Niets. Als hij een paar happen neemt, dokter, staat ie er weer. Net of hij vergeten is dat er al eten staat, dokter.

Om gék van te worden. 

En dan dat achtervolgen. Naar boven, naar achter, naar voor, naar de tuin, naar de keuken, naar de wc, naar de kamer… dokter: ik w-o-r-d gestoord!!!!  Maar om ‘m nu te laten inslapen is ook weer zowat. Hij is niet ziék; hij is oud.

Nah ja, hij braakt wel eens. Drie keer per dag. In m’n bed. In de keuken. In de kamer. Maar ziek istie niet. Dat zijn haarballen. Maar nog geen reden om ‘m een spuit in z’n vacht te prakken. 

Dus wat nu, dokter?

En nu we toch bezig zijn, dokter: die kàttenbak van ‘m. Die stànk. Die puinhoop. En da’s pas na 1 keutel. Eamel kan er niet meer tegen…  Heeft u een pilletje voor me, dokter? Tegen kattenliefde?”

UPDATE 8 MRT 2006: Dag, Mike. Ik zal je missen, jongen.

Sis it mar:

avatar
  Subscribe  
Abonneren op