Inzake mijn prostaat Welcome to the Inner Eamel

quoteInzake mijn Prostaat Vandaag
gelukkig
weer eens
over
de rand
gepiest. – Cees Buitendijk

Lieve lezertjes, ik wil een anekdote met u delen. Waarschuwing voor hen in het bezit van een sterk visualiseringsvermogen; ga zappen, surfen of de was doen. Voor de rest: welcome to the inner Eamel.

Enige tijd geleden werd ik geconfronteerd met een nogal schokkende ervaring; ‘s mans zaad bleek rijkelijk voorzien van rode bloedlichaampjes, dit in tegenstelling tot de ultieme grijsheid waarin dit goedje zich normaliter openbaart.  [lees hiernaast verder →]

Vraag mij niet hoe ik hier achter kwam; het was zo. 

Hoe dan ook; ik kon mij niet herinneren recentelijk met m’n klokkenspel op de stang van een fiets beland te zijn of de ontvanger van een enorme doodschop tussen mijn jodelahiti’s.

De paniek sloeg dan ook onvermijdelijk toe; onvruchtbaar?
Impotent?
Kanker?!

[lees verder onder de illustratie]

Dus naar de huisarts. “Euh.. dokter. Mijn euh.. spul is nogal rood-achtig. M’n s-p-e-r-m-a. Heeft u een pilletje voor me?” 

De dokter antwoordt met een veelzeggende “Hm..”. Hij vervolgt: “Gaat u daar maar even liggen.” en wijst naar de steriele plank-op-poten achter me.

Vol afgrijzen slaat de schrik mij om ‘t hart als hij vervolgens mompelt; “En ontdoet u zich maar even van u broek en onderbroek..” Een iel “Weet u het zeker? Voldoet een pilletje niet?” wordt kort en krachtig afgestraft met: “Kleedt U zich maar even uit. Ik heb meer te doen”.

Enfin. Ik laat me niet kennen en laat de handel zakken, ga liggen en wacht angstig af.

De dokter rommelt wat aan andere kant van de kamer en komt terug met aan elke hand zo’n condoom met vingers, druipend van het glijmiddel. “U mag dat verwijderen”, wijzend naar de broek waarmee ik in een desperate poging tracht mijn mannelijkheid mee af te schermen. 

“Nu wil ik dat u uw benen zo hoog mogelijk optrekt en uiteen doet.” commandeert hij. “Wij (“Wij?”) gaan uw prostaat even onderzoeken”, zegt de man en op hetzelfde moment voel ik een vinger mijn darmen niet al te zachtzinnig binnen dringen. “Hnnngggg!!” 

Terwijl ik apathisch naar lucht hap duwt meneer nog even met z’n andere hand hardhandig mijn zaakje opzij omdat hij kennelijk meer vingerruimte wenst. “Hnnnggg!” 

Niet veel later voel ik een opkomende plasdrang waar een gemiddelde baby jaloers op zou zijn. “Het kan zijn dat u een plasdrang krijgt, Heer Eamel, we zitten nu in uw prostaat te porren.” Joh!

Stel je voor; een volwassen vent, hopeloos kwetsbaar, liggend in z’n blote hol met beide benen opgetrokken terwijl er een wildvreemde gozert met z’n vingers z’n aars zit te bevoelen. Ik zou nog liever een been laten afzetten. 

“Dacht ik al”, zegt de dokter; “Niets aan de hand. Er is waarschijnlijk ‘gewoon’ een bloedvaatje geknapt.” 

En het valt me op dat, terwijl hij me aankijkt, en deze woorden tot me richt, z’n vinger opvallend lang m’n prostaat blijft kietelen.

Een uncomfortable silence volgt. 

“Hij mag eruit, hoor!” schreeuwen alle vezels in m’n lichaam maar alles wat ik kan uitbrengen is een zenuwachtig hèhè. Het lijkt ‘t een eeuwigheid te duren.

“Kleedt u zich maar weer aan” zegt de arts eindelijk. En terwijl ik me opricht verkiest -tot overmaat van ramp- overtollig lucht de kortste weg naar buiten. Verschrikt kijk ik op maar meneer blikt of bloost niet.

Als een oorlogsveteraan strompel ik richting zijn bureau en de dokter mompelt; “Gaat u maar weer zitten”. Ik verkies te blijven staan.

Zonder een spier in z’n gezicht te vertrekken raadt hij mij aan de komende tien dagen het rustig aan te doen. 

Enigszins beledigd door het feit dat de dokter mij verdacht van het hebben van seks strekt meneer ondertussen dezelfde hand uit als waarmee hij net mijn onderkant heeft betast met de kennelijke intentie afscheid te nemen.

Geschrokken grijp ik automatisch zijn andere hand en schudt deze als een bezetene. 

“Bedankt-dokter-tot-ziens-dokter.” en terwijl de woorden mijn mond verlaten meen ik een satanische voldoening te herkennen in des dokters blik.

Ik weet nog uit te brengen dat het me verbaast dat er mensen zijn die dit soort dingen voor hun hobby doen maar de dokter begrijpt me niet en al wat er komt is een opgetrokken wenkbrauw, gevolgd door een alleszeggende“Hm”.

Ik hobbel naar buiten. Niet wetende dat ik de komende tijd het gevoel zal hebben of heb ik een tuinslang in m’n reet en de constante wens m’n blaas waar dan ook te ledigen.

Het is overigens allemaal goed gekomen. Big Jim blaakt alweer geruime tijd van gezondheid.

Sis it mar:

avatar
  Subscribe  
Abonneren op