Barbier E. te OB. 'Burada hiç timelapse yok.'

Ik: “Goedemiddag, Barbier E.!”
Barbier E.: “Wat kan ik voor u doen?”
Ik: “Oh. Ik wilde graag een afspraak maken voor een knipbeurt, ergens volgende week.”
Barbier E., efficiënt als altijd: “Via de Whatsapp.” en wijst naar een nummer achter mij.
Ik: “Oh? Maar ik ben hier nou toch?”
Barbier E.: “Whatsapp.” herhaalt -ie nog ‘ns.

“Oh. Okay.” en ik vervolg; “Maar ik heb nog wel een ongewone vraag.”
Barbier E.: “En dat is?”
Ik: “Vindt je ‘t heel erg als ik er een timelapse filmpje van maak?”
Barbier E. (trekt wit weg, grote ogen, nerveus, kijkt alsof ik ‘m vraag een pornofilm te maken): “Een timeleps? Wat is een timeleps???”
Ik: “Ken je dat niet? Dat is een versneld afgespeeld filmpje. Dat is leuk. Je ziet ze wel vaker: van die snel overtrekkende wolken. Of bootjes. Leek me fijn om dat ook van de knipbeurt te d…”

Barbier E. onderbreekt: “Ik ken ‘t niet. Nooit van gehoord. Een timeleps?” en kijkt -de wanhoop nabij- een oudere heer naast ‘m aan, ik vermoed een klant, waarop die bijvalt: “Ik heb er ook nog nooit van gehoord, hoor, een timeleps.”

Inmiddels staat er zo’n kniphulpmeisje naast me, en hoewel je zou verwachten van zo een modern huppeltje -die generatie is tenslotte vergroeid met z’n smartphone- repliceert ze me, aankijkend met grote ogen: “Nooooit van gehoord! Timeleps??”

Ik: “Ja. Timelapse. Gewoon met m’n telefoon gemaakt. Je hoeft niet eens in beeld, als je niet wil.”

Barbier E.: “Waar heb je dat voor nodig?”

Ik: “Nergens écht voor nodig, hoor. Gewoon; leuk.” en wil nog iets zeggen over huisverkopen, over goede verstaanders en leuke reclame voor hem maar ‘t verhaal komt nu al niet aan. Laat staan, dan.

Maar voordat ik ‘m dat kan uitleggen volgt er een: “Dat heb ik liever niet, hoor. Geen timeleps filmpjes hier.”

Ik: “Nou ja. ‘t Is niet anders.” Het gaat ‘m niet meer worden vrees ik want gevalletje ‘wat de boer barbier niet kent, dat vreet -ie niet’. Ik bedank ‘m en dribbel de zaak uit. Gelukkig kun je wel alleen een afspraak maken via de Whatsapp. Dàt dan weer wel.

Anyhoe. Ik heb gehoord dat er zich een nieuwe hipsterkapper heeft gevestigd, hier in OB. Eens kijken hoe die tegenover de techniek in 2018 staat. Wordt wellicht vervolgd.

Leermomentje: niet meer van die moeilijke vragen stellen aan conservatieve kapperts, Eamel.


Méér

Dirkjan uit de Mascotte vloei (dit is een officiële oproep)

Het moet zo’n 40 jaar geleden zijn dat ik m’n laatste voetbalplaatje gespaard heb. Of misschien was ‘t wel zo’n vogelplaatje, weet ik veel, ik hield niet eens van voetbal. In ieder geval deed men in die tijd ook al aan dat soort actie’s; geef een verzamel-plaatje bij zoveel gulden aan bood-schappen, als klantenbinding.

Maar ja, zoals dat gaat; ik werd ouder, plaatjes waren niet meer interessant en ik werd geacht volwassen te zijn.

Oh, ik heb ‘t nog wel geprobeerd hoor, niet eens zo lang geleden, maar hoe charmant Piekema het ook bracht; ik kon het geduld er niet meer voor opbrengen.

Tel daarbij op het feit dat ik mezelf niet tussen hordes kinderen zag staan bij de ingang van de Appie (“Mag ik uw Toy Story figuurtjessssss?”) en, u begrijpt, verzamelen behoorde officieel tot de verleden tijd.

Tót ik enkele maanden geleden ineens stripjes ontwaarde in de verpakking van de Mascotte vloei (ja, ja; ik rook. So? Iemand moet die noodlijdende industrie overeind houden). Om specifieker te zijn; Mark Retera‘s onvolprezen Dirkjan-stripjes. Leuk!

Uit de nummering ervan kon ik opmaken dat ‘t hier om een serie van 40 stripjes ging, en later 65. Kennelijk beviel de samenwerking.

Enfin. Als über-Dirkjan-fan kon ik het niet laten… het was toen dat ik besloot mijn verzameltalenten weer op te pakken én, omdat ‘t kan, dit te delen met de rest van de Dirkjan-liefhebbende medemens.

Maar, zoals dat altijd gaat met verzamelen; hoe meer objecten men heeft gespaard, hoe moeilijker het is om de resterende -in dit geval- stripjes bij elkaar te krijgen. 

Hoewel men eerst twijfelde aan mijn verstandelijke vermogens kreeg ik echter al gauw de kassamevrouw van de lokale BP-pomp mee en zelfs Piet, sigarenboer én notoir mopperkont (“De wereld is naar de klote. Verder nog iets?”), was ‘enthousiast’ en elke keer als ik m’n tabakswaren kom halen weet men wat ik ga vragen;

(“Mag ik vier pakkies vloei? Uit verschillende rijtjes, alstublieft. Anders krijg ik dubbele.”).

Echter; het gaat me niet snel genoeg. Ik heb geen idee hoe lang die actie nog duurt –Mascotte blijft daar vaag over– en ruilmarkten bestaan er niet voor Mascotte stripjes. En meneer Retera is al helemaal niet geïnte-resseerd. Je voelt ‘m al; ik wil bij dezen een beroep op je doen.

  • Rook je shag?
  • Gebruik je Mascotte-vloei?
  • Heb je toevallig een scanner?
  • Heb je geen scanner maar wil je wel helpen?

Kortom; voldoe je aan drie van de vier vragen en wil je desondanks bij-dragen, laat het me weten via de comments hieronder of d.m.v. het contactformulier. En wat zet ik er tegen over? In ieder geval Eeuwige Roem én een vermelding op voornoemde Dirkjan-pagina.

Zeg nou zelf; wie wil dat nou niet? Alvast bedankt! ♥

Bevallig behang Alles voor De Eierbal

Werkelijk geen idee hoe meneer De Snackbar mijn foto gevonden heeft, ik vermoed via de LC -ik heb ‘t ‘m verder niet gevraagd-, maar feit blijft dat ik onlangs op ‘s mans verzoek benaderd ben met de vraag of ik bereid zou zijn voornoemd beeldwerkje af te staan opdat men er een toepasselijk kamerbreed behangetje van mocht maken.

‘Toepasselijk’ omdat de vreetschuur (voorheen een ietwat trieste fietsenwinkel) om onduidelijke redenen vernoemd is naar de enige hoogbouw die Heerenveen telt (“Snackbar De Munt”) terwijl deze flats in geen velden of wegen zijn te bekennen zijn vanaf hunnie locatie. Nah ja, met een beetje fantasie, wellicht.

Anyhoe. Na veel vijven en zessen, de tussenpersoon bleek van het type ‘ons bin zunig’ en ikzelf wil altijd de hoofdprijs voor ‘mijn werk’ (dit is overigens de eerste keer maar jezelf hoereren voor een grijpstuiver kan altijd nog), kwamen we een prijs overeen.

Op het scherpst van de snede heb ik nog wel even keihard onderhandeld over een eventuele Eierballen Clausule, ik heb namelijk een eierballen-fetisj en had graag gezien dat deze delicatesse lokaal naar mij vernoemd zou worden maar helaas; dit viel niet door de accountant te verantwoorden. Zei men.

Beetje flauw maar ‘t is niet anders.

Nadat ik tenslotte één en ander nog even met mijn Feestboekse achterban heb overlegd, dit soort belangrijke zaken moet je niet te overhaast maar vooral niet in je eentje beslissen, zijn we tot de conclusie gekomen dat deze geste eigenlijk best wel z’n doorgang kon vinden. Hoezee!

Goed. Annie Leibovitz in Le Hermitage, Robert Mapplethorpe in het Guggenheim, Paul Huf in het Stedelijk en Uw Eamel in een Snackbar.
Ik zeg; wereldheerschappij begint hier!  Méér